Bovenstaande aanhef komt uit een lang artikel afkomstig uit het Maandblad van den Joodschen Vrouwenraad te Amsterdam (het eerste nummer van 1926). De inspiratie voor dit initiatief kwam van ervaringen opgedaan in ‘clubs’ in onder meer Zürich en Londen. Maar er is direct een groot verschil. Het zou niet gaan om jonge meisjes die werkzaam waren in ateliers of fabriek maar om schoolverlaters. Meisjes die de school net hebben verlaten (afgerond) of nog in hun laatste jaar zitten.
Ledenbijeenkomst om een vereniging op te richten onder de aan: Zwaluwnesten. BRON: Maandblad van den Joodschen Vrouwenraad te Amsterdam, jrg 3, 1925, no. 12, 1925
Het zoeken naar samenwerking en een locatie
Het Bestuur van de Joodse Vrouwenraad nodigde ter ondersteuning en vanwege hun ervaringen de Vereniging Beis Jisroeil uitgenodigd om mee te praten. Beis Jisroeil (B.I.) is de joodse afdeling van ‘Ons Huis’. Overigens moet vermeld worden dat het overleg tussen de diverse partijen niet voortvarend verliep. Zo liet het bestuur van B.I. aanvankelijk niet van zich horen. Na bemiddeling van derden heeft B.I. laten weten niets te voelen voor een samenwerking. Zo gaat men verder zonder B.I. en wordt er een ruimte gehuurd, het wordt een tijdelijke inwoning bij de gerenommeerde Drukkerij ’t Koggeschip aan de Nieuwe Achtergracht. Deze drukkerij was onder andere bekend als drukker van het Maandblad van de Vereniging Handwerkers Vriendenkring.
Afbeelding van Drukkerij ’t Koggeschip, bron: website de Poolbar – De Gracht
Naar de meisjes
Hoewel in het artikel meerdere namen worden genoemd, is het niet geheel duidelijk wie er allemaal in het bestuur kwamen. Van één persoon is dit wel duidelijk, het gaat om mevrouw E. Polak. Zij is ook de schrijfster van het artikel en is benoemd tot Hoofdleidster van De Zwaluwnesten. Zij heeft dankzij de medewerking van de Wethouder van Onderwijs de adressen van die scholen gekregen met een overwegend joodse bevolking. Vooraf werden de ouders van de meisjes op de hoogte gebracht. De schoolhoofden werkten ook mee en mevrouw Polak mocht de klassen in om de meisjes te informeren. In eerste instantie zou het gaan om meisjes in de leeftijd van 12, 13 en 14 jaar.
Het doel was de meisjes op te voeden tot flinke Joodse vrouwen met stevige moraal, haar smaak te veredelen en we hopen dit te doen in gezellige samenkomsten en nuttige cursussen. BRON: Maandblad van den Joodschen Vrouwenraad te Amsterdam, jrg 3, 1925, no. 12, 1925
Terug naar de INHOUDSOPGAVE