“I’m the fuckin’ stage-manager”

Pink Floyd in Paradiso 1968

Siebe Drieman werkte het eerste jaar van het bestaan van Paradiso als podiummanager. Een van zijn meest bijzondere ervaringen was het optreden van Pink Floyd in 1968.

Poster Pink Floyd, still uit film over Paradiso en Fantasio 1968

Poster Pink Floyd, still uit film over Paradiso en Fantasio 1968

De allereerste buitenlandse groep die in 1968 in Paradiso optrad was Pink Floyd. Het concert was in Hitweek aangekondigd op de avond van Hemelvaartdag, op donderdag 23 mei 1968, maar kon niet doorgaan, omdat op dat moment door een administratieve fout de werkvergunning voor deze buitenlandse artiesten niet rond was gekomen. Anderhalve week later zou Pink Floyd toch optreden, op de zaterdagavond van het Pinksterweekend: 1 juni 1968. Pink Floyd speelde toen vroeg op de avond eerst in Fantasio, daarna, pas zéér laat op de avond (in feite in de nacht naar Eerste Pinksterdag) in Paradiso. 

De groep was nog diezelfde zaterdag met hun bus eerst over de weg door Engeland, toen per veerboot over de Noordzee naar Nederland, en daarna weer per bus naar Amsterdam gereisd. Ze hadden vervolgens in de vooravond in Fantasio moeten spelen en kwamen volkomen doodop in Paradiso aan.

Het publiek van Paradiso was daar reeds om 20.00 uur ’s avonds aanwezig. Niemand wilde iets missen. Het was afgeladen vol. Rond 22.00 uur was de bus van Pink Floyd vanuit Fantasio bij Paradiso gearriveerd. Het door de zijdeuren aanvoeren en installeren van de apparatuur naar en op het podium duurde niet veel langer dan 20, hooguit 25 minuten. Daarna hadden de leden van groep zich met hun medewerkers teruggetrokken in de onder de zaal gelegen kleedkamers. 

Pink Floyd in de kleedkamer
Ik zat, zoals altijd, alleen en zichtbaar voor de zaal op het podium op een stoel naast de doorgang naar de kleedkamers. Via de intercom kon ik uitsluitend communiceren met Willem de Ridder op het balkon. Ik moest dan het kastje tegen mijn oor houden of inspreken.

Nadat er tegen 23.30 uur op het podium nog steeds geen enkel teken van leven zichtbaar was begon de zaal merkbaar ongeduldig en onrustig te worden. Het publiek had daar inmiddels al drieënhalf uur opeengepakt moeten staan en wachtte nog steeds. Willem de Ridder draaide intussen zijn underground muziek onverminderd door en ook de kleurprojecties draaiden door, maar verder gebeurde er niets.

In principe werden de groepen altijd aangestuurd om naar boven te gaan door medewerkers vanaf de voorkant, en niet door mij, omdat de toegang naar de kleedkamers onbewaakt zou zijn, op het moment dat ik naar beneden zou gaan. Zonder twijfel was ook nu aan de groep gevraagd om te beginnen, maar ze wilden kennelijk niet. In ieder geval kwamen ze niet. Waarschijnlijk konden ze op dat moment echt niet meer. 

Het publiek kon zien dat ik via de intercom verbinding had met de regie. Ik liep nerveus op het podium heen en weer, terwijl ik via de intercom overlegde met Willem de Ridder. Steeds meer mensen begonnen uit de zaal de trap aan de linkerkant van het podium te beklimmen en mij vragen toe te schreeuwen. Hun geduld was op.

The fucking stagemanager
Of er toentertijd al alcohol houdende drank verkocht werd in Paradiso kan ik mij niet meer herinneren, maar ook zonder dat was het duidelijk dat het publiek na al die uren inmiddels het kookpunt had bereikt. Het publiek was gaar – men wilde actie!  Achter in de zaal begonnen ze langzaam maar nadrukkelijk te stampen. Willem de Ridder zag ook hoe ongeduldig het publiek werd en gaf mij nu uitdrukkelijk opdracht om de groep hoe dan ook uit de kleedkamers te gaan halen.

Toen ik daar binnen kwam en op enigszins timide wijze mijn verzoek in het Engels probeerde over te brengen, begon één van de meer wakkere bandleden, ik dacht de drummer, Nick Mason (1944), tegen mij: “Who the fuck are you?”  Ik herstelde mij, realiseerde mij de situatie boven, en antwoordde toen op luide en gedecideerde toon: “I’m the fuckin’ stage-manager and want you to go up. And now!  There is an audience waiting for you!”

Zodra Pink Floyd begon te spelen zat ik weer achter de optredende groep op het podium, op het stoeltje naast de toenmalige toegang tot de kleedkamers. Op die plaats kwam de perceptie van het geluid vaak sterk vertekend over. Het ene instrument klonk daar veel harder dan het andere. Op normale avonden werd ik in de loop van de latere avond vanaf de voorkant voor korte tijd afgelost door een collega, waardoor ik zelf even via beneden onder de zaal door weg kon van het podium. Ik kon dan achter vanuit de zaal een korte, maar goede indruk van het gaande concert krijgen, maar ook dit aflossen gebeurde nu, op deze abnormale avond, niet. Ik bewaakte de doorgang naar de kleedkamers. Ik hield toezicht op het podium en op de werking van het elektrisch aangesloten instrumentarium. Ik was verantwoordelijk voor een goed verdeelde stroomvoeding van alle tijdens een concert werkzame apparatuur – en die was niet gering.  Al het versterkte geluid liep toen nog via zware lampenversterkers, waarvan sommigen behoorlijk heet konden worden. Zonder aflossing door iemand anders kon ik absoluut niet weg van het podium.

Ondanks de enorme belasting van die dag, en ondanks dat Syd Barrett (1946-2006) zeven weken eerder (in april 1968) de groep had moeten verlaten, bracht Pink Floyd die nacht volgens meerdere ooggetuigen in de zaal een grandioos concert.     

Klik hier voor een filmpje waarin de oprichters Ruud Tegelaar en Koos Zwart aan het woord komen en beelden te zien zijn van het optreden van Pink Floyd.  

Alle rechten voorbehouden

22 keer bekeken

Geen reacties

Voeg je reactie toe